Britt: “Hier ontstaan spontaan feestjes. Onze klanten brengen ineens een box mee en beginnen muziek te draaien. Niemand maakt daar een probleem van, integendeel, iedereen doet direct mee. Dat is eigen aan de ongedwongen sfeer hier. Die mentaliteit is in vergelijking met andere cafés redelijk uniek.”

Sira: “Neem nu Rock On The Dock, dat ontstaan is uit een idee van enkele dokwerkers die muziek speelden. Je mag van de volgende editie alvast de datum opschrijven:  8 en 9 juni. Nieuw dit jaar is dat we voor het eerst samenwerken met de Maritieme Pint, ken je dat? Dat is een feestje dat elk kwartaal georganiseerd wordt in de horeca rondom de haven.”

Britt: “Dat gaat uit van een vzw die de maritieme sector een warm hart toedraagt. Zij zoeken per editie sponsors die twee of drie vaten geven die avond. Wij doen elke keer mee en stellen onze zaal ter beschikking. Net als wij willen zij zo iedereen nog eens bijeen krijgen.”

Profiel

  • Naam: Britt De Baere & Sira Verelst
  • Functie: horeca-uitbaatsters
  • Bedrijf: Gaarkeuken 110
  • Leeftijd: 39 & 35

Verwezenlijkingen

  • Namen legendarische havenzaak over
  • Organiseren met Rock On The Dock één van de laatste havenfestivals
  • Laven de dorst en stillen de honger van menigeen
  • Houden de traditionele sfeer van respect en vertrouwen in stand

Trotse traditie

Sira: “We doen daar iedere keer echt ons best voor. Omdat we de juni-editie van Maritieme Pint niet zouden kunnen meegedaan hebben wegens Rock On The Dock, wordt dat nu aan elkaar gekoppeld. Zo hebben we allebei extra volk: wij zorgen voor livebands en de locatie en zij hebben hun gesponsorde vaten waarmee ze de sector trakteren. We maken er gewoon één groot feest van op 8 juni. Zaterdag 9 juni – dit is ook nieuw – is het Schlager On The Dock. In plaats van rockgroepen treden er dan schlagerartiesten op. De toegang blijft gratis.”

Britt: “Rock On The Dock is een traditie waar we trots op zijn en die we met veel plezier overgenomen hebben, ook al hadden we totaal geen ervaring met zo’n organisatie. Voor de extra verdienste moet je dat niet doen. We doen het vooral om dat warm te houden en nog eens een happening in de haven te brengen, want zoveel is gebeurt niet meer aan deze kant.”

Sari: “Stoppen was nooit een optie, maar het is echt wel een hele rimram. Nu is het de negentiende editie en toch moeten we evengoed elk jaar dezelfde procedure doorlopen. Het wordt zelfs elk jaar moeilijker, omdat de bevoegde instanties allemaal veranderen. Eerst was dat de Stad, die heeft het dan overgedragen naar de brandweer, een jaar later was het de politie… je zou voor minder zeggen van: laat het maar.”

Historische schuilplaats

Britt: “Wat het hier nog zo bijzonder maakt is de oude historie. Het grappige is dat hier al jarenlang Stella getapt wordt, terwijl het de gebroeders Maes waren die de Gaarkeuken 110 destijds gebouwd hebben (lacht). Geeneens als café, maar als schuilplaats voor de dokwerkers en de schippers om even uit de kou te zijn en rustig te eten. Nu zien we dat nog steeds. Mensen komen hier eerder om te lunchen dan om op café te gaan. De lunchtijden zijn afgesteld op de shiften van de dokwerkers.”

Sira: “Gaandeweg is men hier zelf soep gaan voorzien voor als iemand zijn boterhammen eens vergeten was. Intussen is het hier een volwaardige keuken. Vorig jaar was dit gebouw exact 110 jaar oud en omdat dat getal ook in de naam staat hebben we dat gevierd. Daar kwam de historie nog eens goed ter sprake en hoorden we wie onze voorgangers waren: Florreke, daarvoor was het Jos, daarvoor een andere Jos en daarvoor Trees… de vaste klanten die al een paar jaar meegaan vertellen ons dat. Iedereen zit hier met iedereen aan tafel en zo gaat de achtergrond van het gebouw over van de oudere garde naar de jonge generatie.”

Britt: “Ikzelf kende de Gaarkeuken als klant, want ik heb lang in de haven gewerkt. Hoe ik daar terecht ben gekomen is eigenlijk een grappig verhaal. Ik heb Public Relations gestudeerd en toen ik afgestudeerd was, solliciteerde ik bij United Arab Shipping Company. Op basis van de naam dacht ik dat ik bij een reisbureau gesolliciteerd had (lacht). Ik had zo’n goed gesprek met die baas dat hij zei: “jij mag echt maandag beginnen, hoor!” Zo heb ik alles van nul af aan geleerd.”

Sira: “Dat Florreke ermee ging stoppen hoorde ik in de wandelgangen. Ik werkte al in de horeca en zulk nieuws verspreidt zich snel. Op een terras, in het zonnetje met al een paar rosékes (lacht) heb ik dat laten vallen aan Britt. En wij, allebei al wat in de wind: “we doen dat.”’s Morgens belden we elkaar nog eens om te horen of we het nog altijd gingen doen. Nadien zijn we rond beginnen te bellen en te onderhandelen bij banken, notarissen… acht maand later, op 2 februari 2015 was het rond.”

Wederzijds respect en vertrouwen

Britt: “In het prille begin hebben de klanten ons wel een beetje afgetast. De eerste twee maanden was er hier veel volk dat eens kwam zien wat voor vlees ze in de kuip hadden en of wij wel wisten waar we mee bezig waren. Het is hier gebaseerd op vertrouwen, dus dat respect moesten we winnen.”

Sira: “Soms moeten we zeggen “hé Chareltje, jij hebt gisteren niet betaald” en dan gelooft Charel dat. Omdat dat ook echt zo is, wij gaan nooit dubbel aanrekenen of iemand in ’t zak zetten. Net zoals de klanten eerlijk zijn tegen ons, dat is wederzijds respect en vertrouwen dat hier hangt.”

Britt: “Dat is hier heel belangrijk. Klanten houden ook elkaar in de gaten. Als er iemand naar buiten gaat en ze vermoeden dat die iets niet betaald heeft, heb ik ze al horen roepen van “hey, heb jij wel betaald?””

(Man komt de achterzaal binnen met omhoog geheven biljet) “Ik heb schulden!”

Sira: “Mijn broer gaat je helpen. Voilà, het bewijs (lacht)! Ik werkte al in de horeca als student, ik heb niets anders gekend. Op mijn 25 heb ik de zaak van mijn ouders overgenomen. Op dat moment stond ik in het onderwijs en in die tijd was daar veel te weinig werk in te vinden. Nadien nam ik er nog even een gazettenwinkel bij en toen kwam dit. Ik ken het klappen van de zweep en dat maakte de stap gemakkelijker. Britt was dan weer bekend met de haven en op die manier zijn wij heel compatibel.”

1 drankje, 8 mogelijke glazen

Britt: “Intussen moeten de vaste klanten hun consumptie niet meer bestellen. Wij weten van iedereen wat hij drinkt en in welk glas. Wij hebben acht soorten glazen om Stella in te serveren: een fluit, een kleine fluit, een 33’er, een pintje, een tulpke, witte boer, rode boer en de nieuwe boeren met rode en gouden rand. Wij moeten niet proberen om die mensen een ander glas te geven. Het zal rap zijn van “zeg, dat is mijn glas niet hé!”

Sira: “Of als een pint iets minder getapt is: “zeg, zitten wij hier in Engeland?” Als het hier wat kouder is: “Wat is ‘t? De elektriciteit niet betaald?” Dat is die typische dokwerkerssfeer, die zijn altijd iets directer en wij zijn ook zo. Incidenten hebben wij hier nog nooit gehad. Oké, wij zijn misschien twee vrouwen achter de toog, maar ik ben er zeker van dat de andere klanten er direct bij zouden zijn. Handtastelijke mannen Britt, hebben wij daar last van?”

Britt: (Schudt neen) “Ze hebben allemaal een grote smoel en je moet tegen een scheve opmerking kunnen, maar handtastelijk…als er één dat probeert, staan er direct vijf andere rond. Dat is gewoon hun humor. Zij bedoelen dat om te lachen, de hashtag #metoo heb ik hier niet nodig.”

Sira: “Wij zouden eerder een boks geven in plaats van een hashtag (lacht).”

Britt: “Nog een unieke traditie hier is ‘den Oscar’. Dat is de bel die de laatste ronde aankondigt. Om tien voor acht trekken wij daaraan en geven wie er nog is een rondje van de zaak. Dat werkt perfect. Mensen drinken hun glas leeg, we gaan bij iedereen de rekening ontvangen en zo kunnen we om 20 uur vlot sluiten. Wij zijn dan al van 6 uur ’s ochtends open, dan is het wel geweest. Pas op, die mannen willen dat zelf zo. Veel mensen komen naar hier omdat ze weten dat het niet laat zal worden. Eigenlijk zijn wij een afterwork café.”

Dynamisch duo

Sira: “Hoewel wij nichten zijn, hebben wij eigenlijk pas de laatste vijf à zes jaar echt nauw contact. Wij schelen vijf jaar, dus vroeger verschilden onze interesses te sterk om echt al vriendinnen te zijn. Nu merk je dat verschil niet meer. Wij vertrouwen elkaar onvoorwaardelijk. Ik ga ervan uit dat als Britt iets doet, dat dat goed is.”

Britt: “Voor ons is dat evident, dat blind vertrouwen. Over geld bijvoorbeeld hebben wij nog nooit in de clinch gelegen. Terwijl die eerste drie jaar opstart best pittig geweest zijn. We zitten op één lijn en verdelen de taken. Als het ons tegenstaat, kunnen wij dat elkaar zeggen.”

Sira: “Ja en dat wordt dan geregeld. Ben ik er niet, dan is Britt er, die regelt dat, klaar. Britt werkt een paar uur meer op de werkvloer, regelt de administratie, de mails en de personeelszaken. Ik doe de documenten, Rock On The Dock en de facturatie. Door samen te werken zijn we nóg closer geworden. Al moet ik wel zeggen dat we alleen maandag en vrijdag écht samen werken.”

Britt: “Wij zijn closer geworden omdat we ook allebei zelfstandige met kinderen zijn. Dat heeft impact op je sociale leven. Vroeger zat ik op de bureau en dacht ik van: “amai, straks ga ik eens een pintje drinken, want ik heb koppijn van op dat scherm te zien.” Die denkwijze is bij mij helemaal veranderd. Je bent minder thuis, dus als je er bent, probeer je daar vooral van te genieten.”

Sira: “Je wordt ook kritisch en veeleisend naar ander personeel toe. Als ik morgen ga eten, wil ik dat dat in orde is. Als je zelf weet hoe iets moet, word je zot als iemand dat werk niet goed doet (lacht). Omdat je keihard werkt, wil je om het half jaar toch eens een vakantie plannen. Joenge, ik kan u zeggen die weken daarvoor… Weet je hoe dat is: je moet gaan plassen en hoe dichter je bij het toilet komt, hoe dringender je moet (lacht).”

Britt: “Aan de andere kant: als ik terug kom uit vakantie kijk ik ernaar uit om die job terug aan te vatten. Het is een keisociale job. Als ik mijn teen ergens tegen stomp en die is gebroken denk ik: “verdomme, ik kan niet gaan werken” en niet “ah, mijn teen doet zeer” (lacht).”

Sira: “Inderdaad, ik had dat laatst met mijn achillespees die af was. Dan dacht ik ook “oh nee, wat doe ik Britt nu aan?” We zijn een team hé, dan blijf je niet thuis met een griepje. Wij zijn hier nog niet ziek geweest, wij kunnen ons dat niet permitteren, zelfstandigen worden niet ziek (lacht).”

Doe mee!

Een bloeiende wereldhaven als die van Antwerpen brengt leven in de brouwerij. Waar er ambiance heerst, is het fijn wonen en Ontwikkeling Havengebied Antwerpen spant zich sterk in om die aangename leefsfeer te bewaren en te verbeteren.

Horecazaken zoals die van Britt en Sira dragen daar onmiskenbaar een dikke steen toe bij. Zij brengen havenwerknemers en omwonenden bijeen in een warme, ongedwongen omgeving, waar zij bij een goed glas of een lekkere maaltijd kunnen verbroederen.

Zoals Britt en Sira zijn er nog meer mensen, die zorgen dat het fijn vertoeven is in het havengebied. Ken jij iemand die sociale samenhang smeedt? Of die voor animo zorgt? Of ben jij zelf zo iemand? Nomineer jouw havenheld en wij trakteren op een eerbetoon!

Start typing and press Enter to search