Aan de Hogere Zeevaartschool houdt de volgende generatie nautische alleskunners het roer van onze economie op welvaartskoers. De jongelui in hun keurige blauwe uniformen zullen er namelijk voor zorgen dat het gros van onze koop- en verkoopwaar in de rekken komt te liggen. Ondervoorzitter van de studentenraad Jonas Claes gunt ons een blik door de patrijspoort op het avontuurlijke maritieme studentenleven. Want wist u bijvoorbeeld dat zeevaartstudenten begenadigde spoedartsen, elektriciens, IT’ers of in het geval van Jonas straffe ingenieurs zijn?

Profiel

  • Naam: Jonas Claes
  • Leeftijd: 21
  • Functie: Student nautische wetenschappen
  • Bedrijf: Hogere Zeevaartschool

Verwezenlijkingen

  • Staat te popelen om onze economische welvaart op koers te houden
  • Behartigt de wensen van de zeevaartstudenten in de studentenraad
  • Bezit breed pakket maritieme basiskennis
  • Deed praktijkervaring op tijdens avontuurlijke stages

“Als kind had ik eigenlijk niets met water totdat ik in een optimistbootje, een plastiek badkuip met een zeil op, mocht zeilen. Dat vond ik zó leuk dat ik daarna bij de Koninklijke Marinekadetten ging, een jeugdbeweging. Op mijn twaalfde stond het voor mij vast dat ik wilde varen. Iedereen die vaart, kent dat gevoel, je wil dat water op. Mijn vader dacht eerst dat het een fase was, maar de passie groeide en voor hij het wist, zat ik in de Zeevaartschool. Mijn vrienden maken er wel grapjes over, maar stiekem zijn ze jaloers, hoor. Ik wrijf het er ook in hoe mooi het is met vele zonsondergangen en wolkenfoto’s. Velen reageren dat ik ze naar Windows moet sturen om er screensavers van te maken (lacht).”

Op de spoeddienst
“Met het diploma dat je hier haalt, kan je overal terecht en dát was voor mij de reden om de opleiding nautische wetenschappen te kiezen. Die is namelijk heel divers en interessant. Naast exacte wetenschappen zoals chemie, fysica, maritiem recht en wiskunde, krijgen wij economie, draaien wij 120 uren mee op de spoeddienst van het ziekenhuis, zijn wij elektriciens, kunnen we met computers en toebehoren werken…Op een schip ver op zee kan je dat allemaal nodig hebben.”

“In juni studeer ik normaal af en na vier jaar studeren heb ik echt zin om eraan te beginnen, zodat ik vertrokken ben voor zolang mijn sociale en latere gezinsleven het mij toelaten. Ik kan het mij niet inbeelden dat ik de maritieme sector moe ben voor mijn 67e. Doorheen de vier jaar aan de Zeevaartschool heb ik op ongeveer alle verschillende schepen gezeten. Bij Euronav heb ik met ruwe olie gevaren, bij DEME heb ik gebaggerd en bij Boskalis Offshore heb ik op sleepboten gewerkt.”

Speciaal accent
“Een avontuur waar ik vaak aan terugdenk was toen ik als 19-jarige op een vliegtuig naar Philadelphia werd gezet voor mijn stage. Daar aangekomen bracht de agent mij onder in een hotel. Ik stond letterlijk in mijn onderbroek aan de pompbak, mijn gezicht half bedekt in scheerschuim, toen op de derde dag de receptie mij belde: “Er is hier iemand voor u.” Een kwartier later stond ik beneden met mijn twee valiezen, handbagage en in uniform, klaar om aan mijn stage aan boord te beginnen.”

“Na twee uur met de taxi bracht een speedboot me naar het schip. Ik moest langs de ladder aan boord kruipen. Mijn valiezen trokken ze met touwen omhoog. Aan boord was de grootte van het schip overweldigend. Ik was ook de enige West-Europeaan. Ik mocht eerst twee uur bekomen, maar de volgende dag was het direct ’s ochtends mee wacht lopen op de brug en ’s middags met de eerste twee stuurmannen en de bootsmannen op het dek werken.”

“Daar heb ik ontdekt dat het accent van Filipino’s enorm speciaal is (lacht). De eerste vier dagen heb je niet eens door dat ze Engels aan het praten zijn. Plots begin je hen te verstaan. De volgende keer dat je met Filipino’s aan boord komt denk je dan: deze keer zal het wél lukken. Totdat zij iets vertellen en je beseft dat je ze weer drie dagen niet zal verstaan. Dat speciale taaltje daargelaten, zijn dat wel altijd openhartige, goedgezinde mannen, hoor.”

“Aan boord leer je snel dat je met elke cultuur anders moet omgaan. Op school krijgen we vakken die daar letterlijk over gaan en op zo’n schip merk je hoe zinvol die zijn. Ik heb nog altijd contact met de Panamese derde stuurman waarmee ik in Philadelphia wacht gelopen heb. Met de tweede stuurman uit Oostende ga ik binnenkort op café in Antwerpen. Dus er ontstaan vriendschappen tussen die mensen uit verschillende culturen. Je zit ook letterlijk in hetzelfde schuitje en komt voor elkaar op. Na dat avontuur kon ik de leerstof beter in een praktijkcontext plaatsen.”

Superrealistische simulator
“Onze lessen zijn ook wel zeer praktisch. Voor ons is het belangrijk om de basiswetenschappen kunnen toepassen op een aspect van de scheepvaart waar dat van pas komt. De meeste docenten hebben zelf gevaren, dus wij krijgen veel ervaringen van hen mee die niet in het leerplan staan, maar waar we dikwijls nog het meest van bijleren. Vanaf het derde jaar gebruiken we simulators die ons een superrealistische vaarervaring geven.”

“Toen ik in het derde jaar zat, kende ik mijn weg hier goed genoeg om bij de studentenraad te gaan. Dit jaar ben ik ondervoorzitter geworden. De studentenraad mag onder andere input geven tijdens de opmaak van de lessenroosters en bedrijfsbezoeken en infosessies organiseren rond topics waarvan we weten dat ze de studenten daadwerkelijk interesseren. Dat is wel extra werk, maar ik haal er voldoening uit om op die manier de leeromgeving te helpen verbeteren. De Zeevaartschool is met een 700-tal personen kleiner dan de andere Belgische universiteiten en dat maakt het makkelijker om iets aan te kaarten met de school. Iedereen heeft dezelfde zeevaartmentaliteit: recht door zee!”

Overleg met havenwereld
“Op regelmatige basis heeft de Zeevaartschool een meeting met de Antwerpse havenbedrijven. Daar geven de industrie en de bedrijfswereld aan welke aspecten zij belangrijk vinden om prominent te behandelen tijdens de opleidingen. Daarnaast geven verschillende mensen uit de haven lezingen of bezoeken we bedrijven, zodat we weer een nieuw stuk van de haven zien. Zo gaan we in het derde jaar met de loodsen mee en na een paar uur aan boord met zo iemand ken je alle ins en outs van de haven en haar werking. De Belgische reders staan ook open voor ons, ze hebben altijd een stand op onze opendeurdag, waar wij hen vragen kunnen stellen of waar zij rekruteren.”

“Ons uniform geeft mij vooral een groepsgevoel. Een trots dat je de Zeevaartschool representeert. Ik vind het juist positief dat het opvalt, ik merk dat mensen er in zekere zin naar opkijken. Eenmaal op kot veranderen wij ook gewoon van kledij, zodat we ons zoals eender welke andere student mengen in het studentenleven. Naast de feestjes van onze studentenvereniging Argonaut in de Dolce Vita, gaan wij evenzeer naar andere studentencafés in de stad. We zitten hier afgelegen, maar als wij een keer later les hebben en we zien vanuit het klaslokaal de schepen bij zonsondergang voorbij varen; dan denk ik toch: ik zit hier veel beter dan in de stad.”

Doe mee!

Ruim 142 000 mensen werken direct of indirect voor de haven van Antwerpen. Haar efficiënte ligging vlakbij de Schelde is een absolute aantrekkingspool voor nieuwe bedrijven en daar speelt Ontwikkeling Havengebied Antwerpen op in door bijkomende ruimte voor havenontwikkeling te voorzien. Daardoor blijft zij een thuishaven voor een groot stuk van de Vlaamse werkgelegenheid.

Vooraleer al die werkkrachten in dienst kunnen treden, is het weliswaar zeer belangrijk dat zij de juiste kennis en vaardigheden aanleren. Daarvoor kan de haven rekenen op onderwijsinstellingen zoals de Hogere Zeevaartschool, die nautische alleskunners als Jonas de mogelijkheid geeft om hun maritieme ambitie waar te maken.

Zoals Jonas zijn er nog havenhelden die de oudere generatie willen opvolgen. Of die nieuwe jobs creëren en voor een leuke werksfeer zorgen. Wie is jouw havenheld(in)? Laat het ons weten en wij maken werk van een passend eerbetoon!

Start typing and press Enter to search