20 jaar sprokkelde journalist Paul Verbraeken het nieuws uit alle gelederen van de haven. Kritisch, scherpzinnig en aanvankelijk dik tegen zijn zin bracht de gerenommeerde persmuskiet de brandende actualiteit onder de publieke opinie. Hij was erbij toen de dokwerkers op de dranghekken stonden, kreeg regelmatig vertrouwelijke informatie toegestopt en had een directe lijn naar de hoogst geplaatste CEO’s om die te checken. Voor hij na 38 jaar verslaggeving van zijn pensioen gaat genieten, deelt hij voor één keer zijn kant van de vele verhalen

Profiel

  • Naam: Paul Verbraeken
  • Functie: Journalist op rust
  • Bedrijf: Gazet Van Antwerpen

Verwezenlijkingen

  • Informeerde tienduizenden lezers dagelijks over de haven
  • Sprokkelde het nieuws op het terrein
  • Onderhield contacten in alle gelederen van de havenwereld

“Al tijdens mijn studies geschiedenis schreef ik voor enkele studentenbladen. Ik plakte daar nog een extra studie pers en communicatie achteraan en moest vlak daarna in het leger. Via een medestudente hoorde ik tijdens mijn legerdienst over proeven bij Gazet Van Antwerpen en ik was toevallig thuis toen die toegangsexamens plaatsvonden. Daarna hoorde ik lange tijd niets meer. Tot mijn ouders mij begin 1981 kwamen opzoeken op kot. Ik moest mij direct voor een geneeskundig onderzoek  aanmelden bij een dokter, zeiden ze. “Waarom?”, vroeg ik die dokteres. “Omdat je aangenomen bent.” Dat had men mijn ouders niet gezegd. Zo halsoverkop verliep dat toen bij de krant.”

Slaags met dokwerkers

“De eerste 20 jaar nam ik vooral de berichtgeving over de Wetstraat op mij. Toen de collega die de haven opvolgde vertrok, moest ik van de redactie “de haven doen”.  Eerst was dat dik tegen mijn goesting. Zeer snel begon ik dat boeiend te vinden en in te zien dat de haven de motor van alles is. Toegankelijk was ze allerminst. Gelukkig kwamen mijn contacten met de vakbonden, die ik als politiek redacteur opbouwde, me van pas in de haven. Bedrijfsleiders komen alleen met successen naar de pers, dat is logisch, maar voor de media is zoiets zelden relevant. Als iemand zegt dat hij een loods gaat bouwen op linkeroever en dat hij daar over tien jaar 1500 jobs zal creëren, nemen we daar akte van, maar dat zullen we dán wel zien. Als een bedrijf mensen gaat afdanken, dan is dat een veel hardere realiteit en die horen we eerder via de vakbonden.”

“Ook via de vakbonden leerde ik de dokwerkers beter kennen en respecteren. Ze hebben hun ruige reputatie niet gestolen, maar hoe zij elke dag in weer en wind werken, chapeau. Samen met hen kwam ik eens in een grote betoging terecht tegen de Europese plannen om de wet Major af te schaffen. Eerst gaven zij mij toeken, omdat mijn ‘plastron’ hen deed denken dat ik een BOB-er was. Later trotseerden we samen de pepperspray, traangasgranaten en een waterkanon van de gendarmes van Straatsburg. Die scène zie ik nog levendig voor mij. Die agenten hadden geen compassie met hen, klop dat ze daar kregen!”

Handpop

“Door vaak op het terrein te gaan, bouw je gestaag een netwerk van informanten op. Mensen die je leert vertrouwen en die jou in vertrouwen kunnen nemen. Dat wringt bij alle journalisten soms: waar eindigt de verslaggever en begint de mens met zijn eigen vriendschapsbanden en opinies. Toch denk ik dat ik erin ben geslaagd om de kerk in het midden te houden. Zowel Doel 2020 als het Havenbedrijf zeggen me weleens dat ik een handpop ben van de ander, dat is in dat opzicht een compliment.”

“Waar ik wel altijd voor opgelet heb is manipulatie. Als je voor Gazet Van Antwerpen schrijft, krijg je meer havennieuws dan anderen. Iemand die mij zulk nieuws brengt, heeft daar veelal zelf belang bij of doet dat om druk te zetten op iemand anders. Met vallen en opstaan leerde ik voorzichtig te zijn. Hoewel…er is eens een staking, die ik als grote primeur in de krant had laten zetten, afgeblazen. Weten dat het in de krant ging staan, was voor de vakbond een perfect drukkingsmiddel om overnacht alsnog gedaan te krijgen wat ze wilden (lacht).”

Kwetsbaar Shopping Center voor rederijen

“Andersom gaat het soms ook. Ooit ben ik eens opgebeld door een hele grote man uit de haven. Razend was hij. “Nu ben ik die vakbonden beu, Paul ik kom naar u, want wat ze nu allemaal eisen, is zot.” Journalistiek was dit misschien niet slim van mij, maar ik heb toen tegen hem gezegd: “Denk daar nog eens een nachtje over na. Als ik dat morgen in de gazet zet, rol je over straat voor het oog van alles en iedereen.” Hij heeft het binnenskamers gehouden en het conflict geraakte opgelost.”

“Voor een bepaalde reeks mocht ik ooit alles van dichtbij beleven: op containerkranen kruipen, aan boord van schepen gaan, met de loodsen op de Schelde varen enzovoorts. Dan pas besef je ten volle hoe smal de corridor is voor zo’n reuzenschip op de Schelde. Zó nauw en kwetsbaar is de navelstreng van onze welvaart. Dat zeg ik als economisch journalist en als gewezen reservist. Als ik dan de discussies over capaciteitsuitbreiding of loodsenstakingen zie losbarsten, trek ik graag de vergelijking met het Waasland Shopping Center in Sint-Niklaas in het weekend. Als ik drie keer de hele parking moet rond rijden om een parkeerplaats te vinden, duurt me dat te lang en rij ik door. Heb ik zoiets keer op keer voor, dan kom ik daar simpelweg niet meer.”

“Rederijen doen net hetzelfde: als ze geen loods krijgen of onvoldoende uitzicht hebben op kades om te laden en lossen, varen ze naar ergens anders. Zo verliest de haven – de allesbepalende motor van onze Vlaamse economie – miljoenen euro’s. Vandaar ook dat ik rationeel inzie hoe belangrijk het is dat er een uitbreiding komt. Maar als Waaslander doet het mij pijn in het hart dat onze polders daarvoor moeten verdwijnen.”

Human interest rubriek in Flows

“Een grote vraag is natuurlijk hoe die belangrijke uitbreiding, dat Saeftinghedok, op mobiliteitsvlak moet opgevangen worden. Een heel belangrijke havenfiguur zei me eens: “Paul, als we het Saeftinghedok ooit op zijn volle lengte willen realiseren, dan zullen we een extra oeververbinding nodig hebben tussen links en rechts”. Bovenop de Oosterweelverbinding waarvan iedereen weet hoe moeilijk ze is. Hoe gaan ze dat erdoor krijgen? Maar uitbreiding moet voor ons allemaal, anders zit je met het koopcentrumsyndroom.”

“Uit nieuwsgierigheid zal ik de haven zeker blijven volgen. Mijn twee opvolgers zullen de berichtgeving prima overnemen. Wat ik verder ga doen, ben ik nog aan het afwegen. Vrouw en kinderen heb ik niet en momenteel heb ik een vrij moeilijke mantelzorgsituatie. Het staat al wel vast dat ik voor Flows regelmatig een human interest stuk zal maken. Voor de rest moet ik toegeven dat ik nog een beetje verloren loop nu. Ik heb 38 jaar in die structuur gezeten en die valt ineens weg.”

Doe mee!

De Antwerpse haven draait al eeuwenlang mee als wereldhaven. Op haar oevers, dijken en omgeving is geschiedenis geschreven. Schepen en bemanningen van allerlei pluimage hebben haar wateren bevaren en daar historische sporen nagelaten. Daarom beschermt de haven haar erfgoed en ontvangt ze recreanten die van haar schatten willen genieten.

Op momenten dat er nieuwe geschiedenis wordt geschreven, rekent de haven op een betrouwbaar legioen journalisten zoals Paul om daarover te berichten. Zij brengen de bijzonderheden en actuele nieuwsfeiten onder de publieke opinie en belichten alle kanten van het verhaal.

Zoals Paul zijn er nog mensen die zorgen dat het havengebied zichtbaar is. Ken jij iemand die de haven portretteert? Of ben jij zelf zo iemand? Nomineer jouw havenheld en wij sturen onze reporter erop af!

Start typing and press Enter to search