“We weten gewoon dat waterstof een brandstof is waar we over vijftien jaar mee verder zullen moeten gaan. Olie wordt onbetaalbaar en geraakt op en we moeten de uitstoot van broeikasgassen inperken. Er word almaar meer groene energie gegenereerd, maar we krijgen die niet opgebruikt. Met dat energieoverschot van windmolens en zonnepanelen kan je waterstofgas maken. Dat kan je makkelijk transporteren via een pijpleiding naar een tank, vanwaar je het als energiebron kan gebruiken.”

Profiel

  • Naam: Roy Campe
  • Functie: R&D Manager
  • Bedrijf: CMB
  • Leeftijd: 37

Verwezenlijkingen

  • Ontwikkelde de eerste boot met waterstofmotor
  • Dokterde van 0 af aan uit hoe waterstoftechnologie op een schip werkt
  • Pikte de juiste mensen uit een netwerk van energie-ingenieurs
  • Effent het pad voor waterstof als brandstof van de toekomst

Spotgoedkoop restproduct

“Verschillende havenbedrijven zien waterstof momenteel als een restproduct. De waterstof die zij aanmaken tijdens chloorwinning en andere chemische processen bevat soms nog restanten van andere gassen, waardoor ze die zelf niet kunnen gebruiken. Daarom fakkelen zij die gewoon af. Onze verbrandingsmotor die we met CMB ontwikkelden voor onze waterstofshuttle kan perfect met die restwaterstof werken. Binnenkort zit ik samen met Port of Antwerp hoeveel van zulke spotgoedkope waterstof er in de haven is en aan welke prijs wij die kunnen afnemen. Dat geeft ons ruimte om te investeren in nieuwe toepassingen en motoren en dagelijks bij te leren over de inzetbaarheid van deze spotgoedkope energiebron.”

“Wereldwijd wordt er zo’n 50 miljoen ton waterstof geproduceerd. Ter vergelijking: alle schepen samen verbruiken zo’n 300 miljoen ton brandstof. Dan lijkt 50 miljoen ton waterstof weinig, maar omdat waterstof drie keer zo energetisch is dan diesel, zou in theorie de helft van die 300 miljoen kunnen opvangen. In Antwerpen maakt men 36 000 ton zuivere waterstof, met de restwaterstof bij is dat een veelvoud. Op wereldschaal is dat gigantisch, ik zal niet zeggen dat we al wereldleider zijn, maar aangezien we de tweede grootste chemische sector hebben, zal dat weinig schelen.”

Antwerpen is hoofdstad van de waterstof

“Dat CMB, de oudste scheepvaartrederij van België, het lef heeft gehad om die investering te maken is eens zo bewonderenswaardig, als je weet dat de scheepvaart toen in een zware crisis zat. We mogen heel fier zijn op dat wij als eerste een schip op waterstof hadden, maar wij niet alleen. Ook universiteit van Antwerpen, de hoge zeevaartschool en de haven van Antwerpen, met wie wij allemaal samenwerken. Precies daarom hebben we de shuttle Hydroville genoemd, waterstofstad. In Antwerpen is zoveel kennis dat wij ons perfect kunnen profileren als een kennisbron op het vlak van waterstof.”

“Sinds de lancering krijgen wij wereldwijd vragen van steden en rederijen onze kennis en technologie mogen gebruiken. We zijn die allemaal aan het inventariseren en zullen de kosten en baten afwegen. Alleen als we er iets aan overhouden, gaan we erop in. Met die opbrengst kunnen we investeren in onze volgende doorbraak: een containerschip met een hulpmotor op waterstof.”

Catamaran met vlaggetje

“Drie jaar geleden besliste CMB dat zij meer wilde inzetten op technologie. CEO Alexander wilde een project definiëren dat tien jaar vooruit dacht. Een project dat de werknemers van CMB uit de file haalt en tegelijk energie-efficiënt is. Zijn zoektocht bracht hem naar de Universiteit Gent, waar ik op dat moment werkte. Ik vond zijn vraagstuk interessant en benaderde hem nadien om het daar nog eens over te hebben.”

“Een kwartier later belde hij al terug. “Laat maar weten wanneer je kunt beginnen”, zei hij. Eerst zag ik het niet zitten om elke dag van Brugge naar Antwerpen te moeten. Maar ik geloofde in het project. Drie weken na dat gesprek hing de inkomstbadge al rond mijn nekt (lacht). Zoekend naar een goede invulling van de ambitie van CMB, tekende ik een catamaran met een vlaggetje van CMB. Diezelfde avond belde Alexander mij op. “Whoa, ik ben zo vrolijk geworden van uw tekening, zoiets is het, dat gaan we doen! Wanneer kunnen we het contract tekenen?” (Buldert) Terwijl ik alleen nog maar een schets had. “Regel dat maar, voor de Kerst moet dat rond zijn.” En effectief, op 21 december dat jaar was alles getekend.”

“Mijn eerste idee waren brandstofcellen. Daar hebben we ontwerpen voor gemaakt naar uitzicht, grootte en implementatie in het schip. Tot wanneer ik de prijs kreeg (lacht). Een tweede piste was die van een verbrandingsmotor en die bleek – zoals ik eerder zei – de juiste. Vanaf dan konden we ons project definiëren en dat in het klein opstarten. Zo doen we ervaring op over hoe het zit met de opslag van waterstof, of die verbranding in die motor wel werkt, hoe dat verzekeringstechnisch zit, welke veiligheidssystemen erin moeten enzovoort.”

Muisstil rondbellen naar de juiste personen

“Ik heb dankzij mijn vorige jobs een netwerk in alles wat energie-efficiënt is. Als kind speelde ik graag met Lego. Ik wilde altijd snappen waarom iets was zoals het was. Vat krijgen op iets complex, waarvan je niet meteen ziet hoe het werkt. Daarom koos ik voor een ingenieursopleiding luchtvaarttechnieken. Nadien runde ik tien jaar lang een eigen ingenieursonderneming. Door privéomstandigheden – getrouwd, een tweeling – drong de keuze zich op om dat ondernemerschap los te laten. Dus keerde ik terug als onderzoeker aan de Universiteit Gent, waar ik startende bedrijven hielp rond energie-efficiëntie. In dat netwerk ben ik beginnen rondbellen en navragen tot ik voor elk aspect de juiste persoon of bedrijf had. Iemand die de motor ontwikkelt, iemand die de classificatie doet, iemand die de shuttle bouwt, iemand die de kennis van de waterstof erin breng.”

“Het project veranderde een paar keer van richting en ik moet zeggen dat CMB mij ontzettend gesteund heeft. Wanneer ik een moment van twijfel kende, bleven zij op het gaspedaal duwen om te blijven gaan. Want evident was het niet. Als het eenvoudig zou zijn, waren wij niet de eersten geweest. We zijn veel hindernissen tegengekomen. Want alle specifieke onderdelen voor onze shuttle moesten we op maat laten maken. Anderhalf jaar hebben we het muisstil gehouden waar we mee bezig waren. We wilden eerst de garantie dat de waterstofshuttle perfect werkte vooraleer ermee naar buiten te treden.”

In panne op het Kanaal twee weken voor lancering

“Elf maanden later voer de Hydroville dan voor het eerst in Antwerpen. Dat waren drukke maanden moet ik zeggen. Meermaals dreigde alles in het water te vallen. Zelfs twee weken voor het lanceringsfeest was er veel twijfel. Ik verbleef toen in Engeland, waar de shuttle gebouwd is, om de laatste controles te doen en ik verzin dit niet, tijdens de eerste zeetest vielen we stil middenin het Kanaal. Ja, lap…binnen minder dan drie weken is het feest en hier liggen we. Uiteindelijk zijn ze ons komen wegslepen. De avond zelf lieten we de man die de motor gemaakt heeft overkomen om die te herstellen. Twee dagen later testten we opnieuw op zee en ging alles goed.”

“Toen we de oversteek maakten, aankwamen in Nieuwpoort en ik daar mijn vrouw en kinderen eens aan boord kon laten komen; kon ik er eindelijk van genieten. We kunnen de collega’s ’s ochtends filevrij naar het werk brengen, terwijl ze genietend van het uitzicht een koffietje drinken. Het is gewoon leuk, zeker in de zomer. Ik word door vrolijk van. Vanochtend nog hadden we twee Japanners aan boord. Voor hen is dat een openbaring om langs onze grote mastodontschepen te varen. Zij zijn met een vrolijk gevoel van boord gestapt. Als je op die manier kan tonen wat je als bedrijf doet, is dat de moeite meer dan waard.”

Goedkoper dan diesel

“Tegelijk doen we ervaring op met een nieuwe technologie, die als alles goed gaat tien jaar nodig heeft om er te geraken. Wij leren elke dag van deze shuttle. Smeerolie, alarmen, veiligheid, testen … dat nemen we allemaal mee naar de volgende motor. Zodra waterstof in grotere volumes aangemaakt wordt en er meerdere afnemers komen, zal het niet lang duren eer het goedkoper is dan diesel. Dan zal er ook een markt voor onderdelen en specialisten ontstaan. Vandaar dat we er op tijd aan beginnen om tegen dan klaar te zijn.”

Doe mee!

Vrachtwagens, bussen, auto’s… op de wegen in en rond de haven van Antwerpen rijden de voertuigen voortdurend af en aan. Om een verkeersinfarct in het hart van de economische welvaart te vermijden, introduceert Ontwikkeling Havengebied Antwerpen vele duurzame mobiliteitsoplossingen voor een vlottere bereikbaarheid. Daarvoor zet zij onder andere hoog in op georganiseerd gemeenschappelijk vervoer.

Innovatieve bedrijven zoals CMB werken daaraan mee en zoeken naar manieren om hun personeel uit de file te halen. Daarnaast houden innovatieve denkers als Roy de nieuwste trends scherp in het oog en effenen het pad voor de verplaatsingsmethodes van de toekomst.

Zoals Roy zijn er nog meer mensen die zorgen dat we ons ook in de toekomst slim kunnen verplaatsen. Ken jij iemand die daar mee over nadenkt? Of iemand die zich slim verplaatst? Nomineer jouw havenheld en wij mobiliseren een welverdiend eerbetoon!

Start typing and press Enter to search